Skip to main content

Bij de keuze voor een warmteoplossing spelen veel factoren mee. Ruimtegebruik is daar één van, maar wordt volgens de makers van de factsheet nog niet altijd even goed meegenomen. Terwijl een warmteoplossing ruimte vraagt in de woning, rondom woningen, op straat of onder de grond. De factsheet Ruimtegebruik van SPDE brengt die ruimtelijke gevolgen voor een aantal verschillende warmteoplossingen op hoofdlijnen in beeld.  

1. Waarom moet ruimtegebruik worden meegenomen bij de keuze voor een warmteoplossing?

De ruimte boven en onder de grond is schaars. Toch wordt ruimtegebruik nog niet altijd volwaardig meegenomen bij de afweging tussen warmteoplossingen. Een oplossing die technisch en qua energie voor de hand ligt, heeft ook ruimtelijke gevolgen. Als die pas later in beeld komen, kan dat tot vertraging of ongewenste consequenties leiden.  

2. Waar zit dat ruimtegebruik eigenlijk?

Dat verschilt per warmteoplossing. Bij een warmtenet ligt een belangrijk deel van de infrastructuur in de ondergrond, bijvoorbeeld in de vorm van transport-, distributie- en aansluitleidingen. Daarnaast zijn onder meer warmteoverdrachtstations en een warmtecentrale nodig. Bij individuele warmtepompen speelt juist ook de ruimte in en rond de woning een rol. Een lucht-waterwarmtepomp kan bijvoorbeeld een buitenunit en een binnenunit met boilervat vragen. Bij lage-temperatuurverwarming kunnen daarnaast aanpassingen aan het afgiftesysteem nodig zijn.  

3. Wat wordt bij all-electric oplossingen makkelijk onderschat?

Vooral het ruimtegebruik in de woning. Volgens de makers van de factsheet hebben bewoners vaak nog weinig gevoel bij de ruimte die installaties daadwerkelijk innemen. Bij een individuele lucht-waterwarmtepomp kan bijvoorbeeld een binnenunit met boilervat nodig zijn van ongeveer 70 bij 60 centimeter en 1,80 tot 2 meter hoog. Ook kunnen lage-temperatuurradiatoren meer ruimte innemen dan bestaande radiatoren.  

4. Betekent een warmtenet dat er overal grote leidingen in de straat moeten komen?

Niet iedere leiding in een warmtenet vraagt dezelfde ruimte. Een warmtenet bestaat uit transport-, distributie- en aansluitleidingen, die verschillen in diameter en benodigde tracébreedte. De factsheet laat daarmee een genuanceerder beeld zien dan het idee dat bij een warmtenet overal dezelfde grote leidingen worden aangelegd. Juist daarom is het volgens de makers van de factsheet belangrijk om warmtenetten niet over één kam te scheren.  

5. Wanneer heeft een gemeente het meeste aan deze factsheet?

Vooral aan de voorkant van het proces. De factsheet geeft inzicht op hoofdlijnen en kan helpen om ruimtegebruik vroeg met collega’s en andere stakeholders te bespreken. Bijvoorbeeld bij het opstellen van een warmteprogramma en bij de afweging tussen verschillende oplossingen.  

6. Wat kunnen gemeenten hier concreet mee?

Kijk eerst in hoeverre ruimtegebruik al onderdeel is van de keuzes die binnen de gemeente worden gemaakt. De factsheet kan vervolgens worden gebruikt om in het warmteprogramma meer inzicht te geven in de ruimtelijke gevolgen van verschillende warmteoplossingen en daarover het gesprek te voeren met stakeholders. Daarbij blijft de lokale situatie bepalend: de informatie geeft inzicht op hoofdlijnen, maar iedere situatie vraagt om maatwerk.

Download factsheet