Skip to main content

De nieuwe Wet collectieve warmte (Wcw) verandert het speelveld rond warmtenetten en geeft meer ruimte voor publieke en lokale betrokkenheid. Daarmee worden ook warmtegemeenschappen, waarin bewoners een actieve rol hebben, steeds relevanter voor gemeenten. Op verschillende plekken in Nederland laten bewonersinitiatieven zien hoe zo’n lokale aanpak in de praktijk vorm krijgt, maar ook welke rol gemeenten kunnen spelen om van een idee tot een professioneel warmteproject te komen. In dit artikel bespreken we drie voorbeelden uit de praktijk, gebaseerd op een artikel in Trouw over warmtegemeenschappen in Culemborg en Muiderberg en een artikel van Stichting Warmtenetwerk over buurtcoöperatie MeerEnergie in Amsterdam. 

Warmtegemeenschappen onder de Wet collectieve warmte 

De Wcw bepaalt als hoofdregel dat warmtebedrijven voor meer dan de helft in publieke handen komen. Daarnaast krijgen warmtegemeenschappen een eigen positie in de wet, waardoor bewoners gezamenlijk verantwoordelijkheid kunnen nemen voor een collectieve warmtevoorziening. Op deze manier zijn bewoners niet alleen afnemer van warmte, maar kunnen zij zelf ook een actieve rol spelen in de ontwikkeling, het eigendom en de organisatie van een collectieve warmtevoorziening.  Voor gemeenten betekent dit dat zij in de warmtetransitie vaker te maken kunnen krijgen met bewonersinitiatieven die niet alleen willen meedenken, maar ook zelf verantwoordelijkheid willen nemen als samenwerkingspartner.  

Voorbeelden in de praktijk 

Hoe bewonersgedreven warmteprojecten er in de praktijk uitzien, verschilt per plek. In Culemborg nam energiegemeenschap Thermo Bello het bestaande warmtenet van Vitens over. Bewoners waren daar in eerste instantie niet allemaal enthousiast over. In vier werkgroepen werden zorgen en bezwaren besproken en gingen bewoners met elkaar in gesprek over de overname. Uiteindelijk nam de scepsis af en groeide het vertrouwen in de overname. De voordelen van het lokale eigenaarschap werden later ook financieel zichtbaar: toen de gasprijzen in 2022 sterk stegen, hoefde Thermo Bello de warmteprijs niet in dezelfde mate te verhogen. 

In Muiderberg staat energiecoöperatie Wattnu nog midden in de ontwikkeling van een lokaal warmtenet. Het initiatief begon bij bewoners en groeide de afgelopen jaren uit tot een steeds professioneler project. Om bewoners bij de plannen te betrekken, staat Wattnu iedere zaterdagochtend met de ‘warmtekeet’ in het dorp. Bewoners kunnen daar vragen stellen en zien hoe het alternatief voor de cv-ketel er in de praktijk uitziet. Ook financieel komt er veel kijken bij de aanleg van een warmtenet; zo zijn grote investeringen nodig, terwijl subsidies, garanties en voldoende deelnemende huishoudens bepalend zijn voor de haalbaarheid. 

Dat financiering een belangrijke stap vormt, blijkt bijvoorbeeld ook uit het buurtwarmtenet van buurtcoöperatie MeerEnergie in Amsterdam. Het project ontving onlangs 30 miljoen euro aan Warmtenetten Investeringssubsidie (WIS). Volgens MeerEnergie is dit bedrag niet alleen essentieel voor de businesscase, maar geeft het ook een enorme boost in het vertrouwen van bewoners, gemeente en andere financiers. De subsidietoekenning versterkt dus ook het vertrouwen dat de coöperatie zich kan ontwikkelen tot een professioneel warmtebedrijf.  De subsidie is een belangrijke stap, maar het project is nog niet rond. Het is de bedoeling dat rond 2029 de eerste bewoners worden aangesloten. Volgens Stichting Warmtenetwerk is MeerEnergie daarmee het eerste coöperatieve warmtenet dat boven de grens van 1.500 aansluitingen komt en onder de Wcw als Groot Collectief Warmtesysteem (GCW) wordt aangemerkt. 

Warmtegemeenschap als professionele partner van de gemeente 

De voorbeelden laten zien dat warmtegemeenschappen niet vanzelf uitgroeien tot een professionele partner. Het vraagt tijd om vertrouwen op te bouwen, zowel bij bewoners als tussen het initiatief en de gemeente. Ook financiering, voldoende deelnemers en verdere professionalisering zijn belangrijke voorwaarden om van een bewonersinitiatief tot een uitvoerbaar warmteproject te komen. Gemeenten kunnen daarbij een belangrijke faciliterende rol spelen: door bewonersinitiatieven vroeg serieus te nemen, kennis beschikbaar te stellen, mee te denken over financiering en risico’s en duidelijke afspraken te maken over rollen en verantwoordelijkheden. Het NPLW biedt verschillende hulpmiddelen voor gemeenten om de samenwerking met bewonersinitiatieven vorm te geven. 

Meer weten over bewonersinitiatieven? 

Meer weten over hoe een bewonersinitiatief kan uitgroeien tot een professioneel warmtenet? Luister of kijk dan naar de aflevering van WarmteWerkt, waarin Jort Meijer van Wattnu vertelt over het proces van bewonersinitiatief naar warmtenet in Muiderberg.